Deze tekst is ook gepubliceerd op NuZ.nl
Innovatie is een hot topic; bedrijven zijn hoe langer hoe meer overtuigd dat nieuwe producten en diensten cruciaal zijn voor hun voortbestaan en groei. Bedrijven besteden dus tijd en geld aan innovatie. En liefst aan de moderne variant: open innovatie.
Het open innovatie concept benadrukt dat een bedrijf niet alle nieuwe ideeën zelf moet genereren en ze door eigen resources laten ontwikkelen. Nee, volgens de Amerikaanse wetenschapper Chesbrough (dé autoriteit op het gebied van open innovatie) is het noodzakelijk dat bedrijven tijdens het hele innovatie proces een open oog voor externe ideeën, technologieën en resources worden gehouden. Op deze manier kan veel sneller en vaak ook stukken goedkoper innovatie worden gerealiseerd.
Maar is dit eigenlijk een nieuw fenomeen?
In het verleden zijn al zoveel kleine bedrijven overgenomen omdat zij interessante nieuwe technologieën of concepten hadden ontwikkeld of werd al samengewerkt om tot innovatie te komen. Volgens mij zit er in open innovatie een dimensie die tot nu toe onderbelicht is, namelijk openheid in samenwerking. In open innovatie zie je dat veel meer sprake van een gelijkwaardige samenwerking tussen partijen terwijl de samenwerking in het verleden gekenmerkt werd door een dominante positie van grote bedrijven.
Een paar jaar geleden constateerden we bijvoorbeeld een grote ontevredenheid bij content leveranciers over de ontwikkeling van nieuwe mobiele diensten. De content leveranciers vonden dat zij een onevenredige beloning van mobiele operators kregen voor hun inspanningen. Deze powerplay van de operators leidde tot een aversie om opnieuw gezamenlijk nieuwe diensten te ontwikkelen. Dus niet echt een vruchtbaar klimaat om innovatie te realiseren
Het huidige innovatie beleid van DSM gaat uit van een andere aanpak. DSM spreekt nadrukkelijk over een faire waardering van kleine startende bedrijven die nieuwe technologieën ontwikkelen. En DSM beseft terdege dat dit haar imago als open innovatie partner ten goede komt. En is vervolgens ook een succesvolle innovator.
Ook in andere open innovatie initiatieven zie je de inbreng van kleine niet-gevestigde partijen terug komen. PICNIC, het jaarlijkse evenement op het gebied van creativiteit en innovatie, zie ik als broedplaats voor innovatie. Een uniek evenement dat wetenschappers, media, technologie, entertainment en kunst experts bij elkaar brengt. Maar het evenement is niet een speelveld van uitsluitend grote partijen zoals KPN, KLM en Heineken, er zijn talloze kleine bedrijven als partner actief. Fellowforce, een soort marktplaats voor innovatie ideeën en experts, is een ander voorbeeld die innovatie in kleine bedrijven faciliteert. Een bedrijf is niet langer afhankelijk van een centrale R&D afdeling en omvangrijke R&D budgetten om innovatieve concepten en technologieën te scouten maar kan ze via Fellowforce ontdekken.
Open innovatie is dus geen oude wijn in nieuwe vaten maar gelijkwaardige samenwerkingsvormen waarin kleine, creatieve bedrijven een belangrijke rol spelen.